Zonvitamine D: een update
In de zomer kunnen we gratis genieten van vitamine D. Toch komt in alle lagen van de bevolking een tekort aan vitamine D voor. Over de functies van vitamine D is men nog lang niet uitgesproken. Dat vitamine D van groot belang is voor de botten, spieren en het imuunsysteem is inmiddels afdoende bewezen. Maar het lijkt dat vitamine D meer functies heeft. Het belang van vitamine D wordt steeds duidelijker. Kortom, tijd voor een update over de ‘zonvitamine’ .
Functies vitamine D claims goedgekeurd door EFSA
In de vorige nieuwsbrief is in het kort de claimswetgeving uitgelegd. De EFSA (European Food Safety Agency) is het wetenschappelijke adviesorgaan van de Europese Commissie dat claims op de verpakking van producten te controleren op juistheid. Heel veel claims zijn afgekeurd. Overtuigend bewijs is nodig om een claim te laten goedkeuren. Drie claims over vitamine D zijn dit jaar goedgekeurd door de EFSA: de bijdrage van vitamine D aan een normale werking van het immuunsysteem, gezonde ontstekingsreactie en behoud van een normale spierfunctie. Al eerder kwam er groen licht voor de claim dat vitamine D een bijdrage levert aan de tandenmineralisatie, opname van calcium en fosfor, celdeling, het behoud van een normaal niveau van bloedcalcium en samen met calcium om te zorgen voor gezonde botten.
De zon discrimineert
Onze huid maakt vitamine D aan uit zonlicht, maar in hoeverre hebben we feitelijk profijt van de zon? Van april tot oktober is de zonnestraling in Nederland sterk genoeg om vitamine D in de huid aan te maken. Alleen geldt dit in veel mindere mate voor een donkere huidskleur, doordat die een hoger melatoninegehalte heeft. Dr. Irene van der Meer, gepromoveert in juni 2010, toont in een onderzoek1 onder 600 volwassenen aan, dat met name niet-westerse allochtonen een tekort aan vitamine D hebben. Het huidtype werd als belangrijkste factor gezien. Van de mensen met Surinaams-Hindoestaanse achtergrond had 51% een tekort; bij een Turkse of Marokkaanse achtergrond was dat respectievelijk 41% en 37%.
Suppletie noodzakelijk
De gewenste bloedwaarde, vastgesteld door de Gezondheidsraad, is > 30 nmol/ l. Voor vrouwen met een leeftijd boven de 50 jaar en mannen boven 70 jaar liggen de gewenste waarde hoger, namelijk > 50 nmol/l. Dit omdat onderzoeken aantonen dat vitamine D samen met calcium het risico op botbreuken en vallen bij ouderen kan doen verkleinen. Om tot deze waardes te komen adviseert de Gezondheidsraad voor risicogroepen 10 of 20 microgram suppletie per dag:
Dagelijks 10 microgram (mcg) vitamine D extra:
|
Dagelijks 20 microgram (mcg) vitamine D extra:
|
Zal hogere suppletie soms toch nodig zijn?
Een studie, gepubliceerd in mei 20102 onderstreepte nog eens de noodzaak van vitamine D-suppletie. Hieruit bleek dat suppletie van 20 mcg vitamine D voor 25% van de patiënten met een fractuur én een ernstig vitamine D-tekort niet voldoende zou zijn om op de gewenste bloedwaarde van 50 nmol/l te komen. Bij ouderen met osteoporose ligt dat percentage nog een stuk hoger: voor 37 % van hen zou 20 mcg extra vitamine D per dag niet voldoende zijn. De Limburgse onderzoekers adviseerden bij fractuurpatiënten de bloedwaarde van vitamine D vast te stellen en een daarop aangepaste vitamine D-dosering toe te dienen. Na drie maanden zou het onderzoek moeten worden herhaald, zodat uiteindelijk bij alle patiënten de bloedwaarde van vitamine D voldoende is.
Vitamine D, depressie en overige ziekten
In mei 2010 verscheen een studie3 waarin 531 Italiaanse vrouwen en 423 Italiaanse mannen, allemaal ouder dan 65 jaar, zes jaar lang zijn gevolgd. Uit de resultaten bleek dat vrouwen met een bloedwaarde van minder dan 50nmol/l significant hogere scores hadden bij vragen over depressie. Dit verband werd ook bij de mannen gezien, al was de associatie minder groot. Maar het is niet de enige studie die een verband aantoont tussen een lage vitamine D status en depressie. In 2008 toonde een Nederlandse studie4 onder bijna 1300 ouderen een verband aan tussen lage vitamine D-bloedwaardes, via hogere waardes van het PTH hormoon, en een hogere kans op het ontstaan van depressie. Een andere review5 verklaart hoe vitamine D eiwitten in de hersenen beïnvloedt, die een rol spelen bij het leergedrag en mogelijk ook het sociale gedrag. Aanwijzingen uit onderzoeken zijn er ook voor een tekort aan vitamine D en het ontstaan op diabetes type 2, auto-immuunziektes, infectieziekte, hart-en vaatziekten en kanker, waaronder darmkanker. Meer onderzoek is nodig om deze verbanden in kaart te brengen.
Winter in aantocht
Veel groepen kunnen nu nog profiteren van de zon om hun vitamine D-status op te bouwen. Maar zodra de winter weer zijn aantreden doet, hebben we vitamine D toch nodig uit voedingsbronnen als vette vis, halvarine, margarine en bak-en braadproducten. Veel groepen zullen daarnaast extra vitamine D moeten nemen, willen ze de winter goed doorkomen qua vitamine D status. Vitamine D suppletie kan ook voordelig uitpakken voor kinderen, om griep door bijvoorbeeld een virus te voorkomen. In april dit jaar toonde een gerandomiseerd, dubbel blind, placebo-gecontroleerd onderzoek uit Japan6 dat vitamine D suppletie de kans op influenza A bij schoolgaande kinderen met maar liefst 40% kan reduceren!
Bronnen:
¹ van der Meer IM et al. Fatty fish and supplements are the greatest modifiable contributors to the serum 25-hydroxyvitamin D concentration in a multiethnic population. Clin Endocrinol. 2008;68:466-472
2 van den Bergh J et al. Ter discussie: Bij alle fractuurpatiënten vitamine D bepalen? Ned Tijdschr Geneesk. 2010;154:A1758
3 Milaneschi Y et al. Serum 25-Hydroxyvitamin D and depressive symptoms in older women and men. J Clin Endocr & Met. 2010; doi: 10.1210/jc.2010-0347
4 Hoogendijk WJ et al. Depression is associated with decreased 25 Hydroxyvitamin D and increased parathyroid horome levels in older adults. Arch Gen Psychiatry. 2008;65(5):508-512
5 McCann JC et al. Is there convincing biological or bahavioral evidence linking vitamin D deficiency to brain dysfunction? FASEB J. 2008; 22(4):982-1001
6 Mitsuyoshi U et al. Randomized trial of vitamin D supplementation to prevent seasonal influenza A in schoolchildren. AM J Clin Nutr. 2010; 91(5):1255-1260



Reacties
Voeg reactie toe